Doneer Word Beschermer
Header afbeelding

IJsvogels bibberen niet

Ijsvogel - Eddy Kuis.jpg10 februari 2021

Tie. Tie. Als je om de twee seconden dit schelle geluid hoort, dan is het zeer waarschijnlijk een ijsvogel. Je hoort ze vaak eerder dan dat je ze ziet. De fraai blauw-met-oranje gekleurde vogeltjes vliegen namelijk razendsnel. Ze worden daarom ook wel ‘blauwe flits’ genoemd. Een prachtbeestje dat ik best wel wat vaker zou willen zien! De ijsvogel is een standvogel, dat betekent dat het diertje het hele jaar in Nederland kunt waarnemen. Maar door de (matig) strenge vorst van nu kan het zo maar zijn dat je ze steeds minder gaat horen en zien.

IJsvogels raken in levensgevaar wanneer open water dichtvriest. Eigenlijk best wel raar, dat een ijs-vogel niet met ijs kan omgaan. Zou hij onderkoeld raken? En zou bibberen dan helpen? Ik las onlangs dat bij het bibberen/rillen de spieren samentrekken waardoor de lichaamstemperatuur oploopt. Wist je dat? Nu blijkt het dat er iets anders aan de hand is bij de blauwe flits. Het diertje zelf ondervindt geen hinder van de kou, maar wel van de gevolgen.

Een ijsvogel is voor zijn voedsel afhankelijk van open water, zoals beken, sloten, vijvers en rivieren. Het liefst met wat overhangende begroeiing. Zittend op een tak kan hij dan zien of er vis zwemt. Met een razendsnelle duik weet hij zo’n visje naar boven te brengen en op te peuzelen. En nou wil het geval dat als het water dichtgevroren is, er niet veel te vissen valt. Als een ijsvogel niet kan eten gaat hij dood. De verwachting is dat tijdens deze koude periode dan ook veel ijsvogels zullen sterven.

Laten we daarom onze gevederde vriendjes door deze barre tijd helpen. Dat doe je het beste met het maken van wakken. Pas daarbij op dat je niet door het ijs zakt! Doe dit klusje daarom niet alleen maar met iemand samen.

Kijk of er een sloot, vijver, riviertje of andere watergang bij jou in de buurt is waar ijsvogels gebruik van zouden kunnen maken. Als er al een wak is, probeer deze dan open te houden.

Om een wak te maken moet je letten op het volgende:

  • Zoek een plek met begroeiing langs de oever. Daar is de kans dat het water dichtvriest wat kleiner.
  • In de buurt van een duiker of overstort is wat meer beweging in het water (geweest), dus daar heb je mogelijk dunner ijs.
  • Met behulp van een lange balk of ijzeren staaf maak je het ijs stuk. Duw hierbij de ijsschotsen onder het ijs zodat de ijsvogel goed zicht heeft en het wak niet weer snel kan dichtgroeien.
  • Vaak is een opening van 1 of 2 vierkante meter al voldoende.
  • Plaats een tak of stok boven het wak, zodat de ijsvogel vanaf daar zijn voedsel ziet zwemmen.
  • Wordt er in de buurt ook geschaatst? Scherm het wak dan af door takken erom heen te leggen.
  • Controleer indien mogelijk dagelijks het wak en houd het open.

Vraag andere mensen ditzelfde te doen. Hoe meer wakken, hoe meer overlevingskansen voor de ijsvogel.

Waarom het beestje dan toch ‘ijsvogel’ heet? De verklaring is simpel: het woord ‘ijsvogel’ komt uit de Germaanse taal, waar het diertje ‘Eisenvogel’ heet. ‘Eisen’ (ijzer) verwijst naar de metaalkleurige glans van het blauwe verenkleed. Weet je dat ook weer. Veel succes met het hakken van wakken!

Jacqueline van Dam

Boswachter Publiek

 

« Terug