Column: Een dier zonder weerga*

Een mol vindt altijd de weg. Best knap, want zijn gezichtsvermogen is nauwelijks ontwikkeld. Zijn reukvermogen en gehoor daarentegen des te beter. En dat moet ook wel als je in het pikkedonker onder de grond leeft.

Mol met grote graafhanden (foto: Rudmer Zwerver, Saxifraga)
Mol met grote graafhanden (foto: Rudmer Zwerver, Saxifraga)

Het diertje heeft fluweelzachte vacht met een rechte haarinplant. Door het ontbreken van een vleug is ook het achteruitlopen in een smalle tunnel een fluitje van een cent. Bovendien voorkomt het vuil worden. De mol is een fascinerend beestje. Op YouTube filmpjes zie je hoe de tunnelgraver wordt uitgezet op het maaiveld. Met zijn gespierde, tot graafhanden ontwikkelde voorpoten stort hij zich vol overgave op de bodem. Binnen slechts 30 tot 60 seconden is hij uit het zicht verdwenen.

Wormen in de voorraadkamer
Met een snelheid van 12 tot 15 meter per uur graaft de grondwerker (zeer oppervlakkige) tunnels. De aarde wordt naar achteren weggewerkt en zo verschijnen de karakteristieke ‘ritten’. In deze oppervlakkige gangen vindt de mol zijn favoriete voedsel, de regenworm. Ook graaft hij diepere tunnels waarbij hij molshopen opwerpt. Zo ontstaat een heel gangenstelsel. Per etmaal worden periodes van rust afgewisseld met een ronde door de gangen in de hoop weer nieuwe regenwormen te vinden. Deze bijt hij dood en bewaart hij in zijn voorraadkamer. Zo is er altijd wat te eten voor handen. Trouwens, wist je dat hij ook larven, eitjes en jonge muizen lust? Een mol kan drie jaar worden, maar dat is geen vanzelfsprekendheid. Onder de grond beperkt het gevaar zich tot zijn soortgenoten. Een indringer in het territorium wordt gewelddadig aangevallen en soms zelfs gedood. Wanneer moeder mol het de hoogste tijd vindt voor haar kroost om op eigen benen te staan, komen de jongen vaak even boven de grond. Daar dreigt het gevaar van vogels als uil, reiger en ooievaar, maar ook een vos en hermelijn weten wel raad met zo’n mals molletje.

Bij droogte kan een mol door voedseltekort verhongeren en bij overstromingen verdrinken. Daarnaast is de mens is een geduchte vijand. Zowel door het bestrijden van dit onschuldige diertje als het veroorzaken van verkeersslachtoffers. En zeg nou zelf, dat is toch jammer?

*Een mol is een dier zonder weerga. Het is moeilijk om met een mol te concurreren omdat hij zeer bedreven is in het graven van tunnels.

Jacqueline van Dam,
Boswachter Utrechts Landschap