Kolibrievlinder: dagactieve onruststoker

Wie op een zonnige zomerdag een insect stil voor een bloem ziet hangen, denkt al snel een kolibrie te hebben ontdekt. Toch gaat het in Nederland vrijwel altijd om de kolibrievlinder, een dagactieve nachtvlinder uit de familie van de pijlstaarten. Hoewel deze opvallende soort vroeger als zeldzaam werd beschouwd, wordt hij de laatste jaren steeds vaker waargenomen.

Vliegende acrobaat

De kolibrievlinder dankt zijn naam aan zijn karakteristieke manier van foerageren. Net als een kolibrie blijft hij stil in de lucht hangen, terwijl zijn vleugels met een indrukwekkende snelheid van ongeveer zeventig tot tachtig slagen per seconde bewegen. Zonder te landen steekt hij zijn lange roltong diep in de bloemkelk om nectar op te zuigen.

Tijdens het zoeken naar voedsel vliegt hij met grote snelheid van bloem naar bloem, waarbij hij abrupt van richting kan veranderen. Dit snelle en onvoorspelbare vlieggedrag maakt de soort lastig te observeren. Om die reden wordt de kolibrievlinder ook wel onrustvlinder genoemd.

Jan de Jong – Amerongen

Reiziger uit Zuid-Europa

De kolibrievlinder is een trekvlinder die ieder voorjaar vanuit Zuid-Europa naar Noordwest-Europa trekt. In het Middellandse Zeegebied kan de soort overwinteren, waarna de vlinders in het voorjaar noordwaarts trekken om zich voort te planten. De vrouwtjes zetten hun eitjes af op geschikte waardplanten, waarop de rupsen zich ontwikkelen.

Door de zachte winters van de afgelopen jaren worden incidenteel ook overwinterende exemplaren in Nederland gemeld. De soort is echter gevoelig voor langdurige vorst, waardoor succesvolle overwintering in ons klimaat nog altijd uitzonderlijk is.

Waarnemen in Nederland

De kolibrievlinder kan in Nederland worden gezien van februari tot en met november, afhankelijk van de weersomstandigheden. De meeste waarnemingen worden gedaan in augustus en september, wanneer de populatie haar grootste omvang bereikt.

De vlinders zijn uitsluitend overdag actief en geven de voorkeur aan zonnig, warm weer. Ze bezoeken vooral planten met lange, buisvormige bloemen, waarvan de nectar met hun lange roltong goed bereikbaar is.

Tip: zelf een kolibrievlinder spotten? In augustus en september maak je de meeste kans. Ze bezoeken vooral planten met lange, buisvormige bloemen, zoals de vlinderstruik, ijzerhard en lavendel.

Van rups tot vlinder

De rupsen leven voornamelijk op planten uit de walstrofamilie, zoals walstro en meekrap. Aan deze laatste plant dankt de soort zijn alternatieve naam meekrapvlinder.

Wanneer de rups volgroeid is, spint zij dicht bij de grond een losse cocon tussen de bladeren van de waardplant. In deze cocon vindt de verpopping plaats, waarna de volwassen vlinder tevoorschijn komt.

Een steeds vaker geziene gast

Dankzij zijn spectaculaire vlieggedrag en steeds frequentere voorkomen behoort de kolibrievlinder inmiddels tot de meest bijzondere insecten die in Nederlandse tuinen en natuurgebieden kunnen worden waargenomen. Wie tijdens een zonnige dag een snel zoemend insect stil voor een bloem ziet hangen, doet er goed aan nog eens goed te kijken. De kans is groot dat het geen kolibrie is, maar een van de meest fascinerende nachtvlinders van Europa.

Jan de Jong

Jan (76) is communicatievrijwilliger van het Amerongse Bos en publiceert activiteiten op websites, in kranten en op social media. In dit blog deelt hij zijn kennis en enthousiasme over insecten die voorkomen op de Utrechtse Heuvelrug.